De toespraak van de gekozen vicepresident luidde als volgt: “Dames en heren, leden van de Nationale Assemblee. Ik dank u allen dat u mij heeft gekozen voor het vervullen voor het ambt van vicepresident van ons land, de Republiek Suriname. Ik dank de bevolking, het volk van Suriname voor de manier waarop zij op 25 mei van dit jaar gebruik heeft gemaakt van haar democratische rechten. Dat heeft het nu mogelijk gemaakt dat ik vandaag voor dit ambt gekozen ben. Zoals ik bij een andere gelegenheid gezegd heb, ben ik atijd bereid om mijn krachten te geven daar waar u vindt dat dat nodig is. Daar waar ik geroepen ben om mee te werken aan de opbouw en ontwikkeling van ons aller geliefd Suriname. Dames en heren, leden van de Nationale Assemblee, ik aanvaard van hieruit deze uitverkiezing zeer gaarne. Ik aanvaard deze uitverkiezing tot dienstbaarheid aan ons land en volk vanuit het diepe besef dat het hier gaat om een historische opdracht. Ik zal deze historische opdracht trachten waar te maken met ondersteuning van de Almachtige. Ik hoop en ik vertrouw erop dat ik daarbij steeds kan rekenen op ondersteuning en medewerking van uw allen, van onze totale natie. Dames en heren, leden van de Nationale Assemblee, nu ik door uw college gekozen ben tot het ambt van vicepresident van ons land, van de Republiek Suriname, draag ik met veel genoegen en in een groot vertrouwen de voorzittershamer van ons parlement over de heer Dew Sharman. God zij met ons Suriname, ik dank u wel.”