Activiteiten in samenspraak met lokale bevolking benadrukt VP

Activiteiten in samenspraak met lokale bevolking benadrukt VP

19-03-2021

Vice-President Ronnie Brunswijk benadrukt dat ook als de overheid besluit activiteiten uit te voeren in landsbelang, dit in samenspraak dient te geschieden met de lokale bevolking als het betrekking heeft op gemeenschapsgronden. Zo reageerde de VP kort nadat hij een petitie van de bewoners van Witsanti in ontvangst nam.
Bewoners van voornoemd dorp dienden op donderdag 18 maart 2021 een petitie in. In deze petitie vragen zij aandacht van de regering voor schending van hun grondenrechten. Met name door toewijzing van grond binnen hun voorouderlijk grondgebied aan derden. Als voorbeeld haalden zij aan, de toewijzing van een stuk grond aan NV Luchthaven Beheer Suriname. Hoewel de dorpsbewoners steeds protest tegen deze uitgifte hebben aangetekend en hieromtrent meerdere gesprekken zijn gevoerd, blijft een oplossing uit. De groep geeft bij monde van Ivan Vincke aan dat op basis van internationale mensenrechten verdragen er goedkeuring van de lokale bevolking nodig is alvorens ingrijpende activiteiten kunnen worden uitgevoerd binnen hun woongebied.
Met de ingebruikname van de nieuwe Highway zijn nieuwe en oude grondaanvragen binnen dit gebied actueel. Ook andere inheemse dorpen binnen de regio hebben met dit probleem te kampen. De groep vindt dat ze onvoldoende wettelijk beschermd is in dit soort gevallen en roept dringend de hulp van de Vice-President in. Bewoners van Wit Santi zijn in november 2019 gestart met het project ┬┤Versterking van de wettelijke erkenning van de rechten op traditioneel grondgebied┬┤. In dit project hebben zij onder andere het voorouderlijk grondgebied gedemarkeerd. Zij eisen nu te worden betrokken bij handelingen gepleegd op dit grondgebied. Volgens de indieners is de staat eerder al in het Moiwanna vonnis (2015), het Saramacca vonnis (2007), het Carinha Lokonovonnis (2015) veroordeeld de rechten van inheemse en tribale volkeren vast te leggen. Echter is nog aan geen van de vonnissen uitvoering gegeven. Volgens de indieners is deze petitie een laatste poging om door middel van dialoog tot een oplossing te komen. Indien dit niet lukt zal de groep conform het Inter Amerikaans Mensenrechtenverdrag ook de gang naar de internationale rechter inzetten. Het ultimatum voor de regering loopt tot 15 april 2021.

De Vice-President gaf bij ontvangst van de petitie aan dat de staat inderdaad reeds bij een aantal vonnissen is veroordeeld, met betrekking tot het grondenrechten vraagstuk. Hij benadrukte echter dat deze kwestie vanwege zijn complexiteit niet makkelijk op te lossen is. Toch is hij wel blij dat de bewoners bereid zijn te praten om te komen tot een gezamenlijke oplossing. Volgens de VP is de bereidwilligheid van partijen van eminent belang. Hij beloofde de indieners deze kwestie spoedig te bespreken met President Chandrikapersad Santokhi. Het streven is samen met vertegenwoordigers van de dorpsbewoners, het Kabinet van de Vice-President en het Kabinet van de President zich te buigen over de kwestie. De VP refereerde in zijn betoog naar de binnenlandbewoners die ook kampen met het grondenrechten vraagstuk in hun woongebieden.